De wonderen zijn Israël nog niet uit!

Eline-Blog
Geschreven door:
Deel deze post:
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on email
Share on twitter
Lees ook:

De wonderen zijn de wereld nog niet uit, zeker niet als het om het Joodse volk gaat. Tijdens mijn periode in Israël hoor ik het ene na het ander wonderverhaal. Van een blind jongetje die weer zicht krijgt op de dag dat hij zijn bar mitswa doet tot een Joods familie dat verhuist en korte tijd later te horen krijgt dat er een raket geland is op het huis waar ze woonden.

Stuk voor stuk verhalen waarin je Gods aanwezigheid ziet. Deze week mocht ik Rosj HaSjana vieren bij een Messiaans-Joods gezin: Rafael en Lydia Perrodin. Samen hebben ze zoveel wonderen meegemaakt dat je er een boek over kunt schrijven…

De Franse Rafael en Lydia wonen al zo’n zesentwintig jaar met hun gezin in Israël en geloven met hun hele hart in Jezus. Rafael was vijftig jaar toen hij zich niet lekker voelde en dacht dat hij een virusje had opgelopen. Voor het slapengaan baden Rafael en Lydia om gezondheid. ’s Nachts moest Lydia toch plots de ambulance bellen; haar man was buiten westen, niet vanwege slaap maar vanwege een hersenbloeding. In de ambulance kregen ze geen contact met Rafael. Zijn hoofd zat vol bloed, zijn lichaam was al koud en compleet verlamd.

De kinderen moesten worden gebeld om afscheid te nemen. Lydia gaf echter niet op en zei tegen haar kinderen dat ze met haar mee moesten bidden. De doktoren opereerden Rafael en gaven haar de mededeling dat ze haar man ‘kwijt’ zou zijn. Als hij het al zou overleven dan zou hij voor altijd doof, blind en verlamd zijn en ze moest er rekening mee houden dat ze haar man terug zou zien als een ‘kasplantje’.

Dagenlang was Rafael niet bereikbaar en lag hij in een soort coma. Rafael vertelde: ‘Als ik dood zou gaan, dan wist ik waar ik heen zou gaan, maar toch wilde ik nog niet gaan. Ik zag alles: hoe ik werd verplaatst naar een nieuwe kamer en ik zag Lydia bidden. Ik voelde de pijn en ik hoorde hoe negatief de doktoren over mij praatten, maar ik kon niet denken. Toen droomde ik over een oorlog tegen mij en tegen Israël. Het Israëlische leger was in het Hebreeuws aan het zingen, het klonk Hemels. Ze zongen in de liederen in de tijd van vrede, maar ook midden in de oorlog. In mijn droom zag ik dat, ondanks alle bommen en verwildering, ik nog steeds leefde. Ondanks alle pijn krabbelde ik overeind in de strijd. Ik voelde Gods aanwezigheid en Zijn support in de strijd. Ik vroeg aan God of Hij me weer tot leven wilde brengen, en dat deed Hij.’

Rafael krabbelde op, hij hield vast aan de tekst uit Jesaja 40:29. ‘Hij geeft de vermoeide kracht en Hij vermeerdert de sterkte van wie geen krachten heeft.’ Hij was nog half verlamd toen de doktoren hem vertelden dat het zeven maanden tot een jaar zou duren voor hij uitbehandeld was in de kliniek.

Lydia vertelde haar kinderen alle wonderen die ze hadden meegemaakt in hun leven. Ze kregen nieuwe hoop. Zijn kinderen leerden hem opnieuw tanden poetsen en Rafael leerde snel. Tja, wat wil je als je vijf kinderen hebt… De eerste woorden die Rafael schreef waren de woorden ‘Prijs de Heere’. Rafael getuigde tegenover zijn ongelovige kamergenoten en ze kwamen tot geloof in Jezus. Ook rabbijnen die langs zijn bed kwamen vertelde hij over de Messias. Zijn ziekte werd een getuigenis.

‘Ik heb de Heere lief, want Hij hoort mijn stem, mijn smeekbeden. Want Hij neigt Zijn oor tot mij, daarom zal ik Hem al mijn dagen aanroepen. Banden van de dood hadden mij omvangen, angsten van het graf hadden mij getroffen, ik ondervond benauwdheid en verdriet. Maar ik riep de Naam van de Heere aan: Och Heere, bevrijd mijn ziel! De Heere is genadig en rechtvaardig, onze God is een Ontfermer. De Heere bewaart de eenvoudigen; ik was uitgeteerd, maar Hij heeft mij verlost. Mijn ziel, keer terug tot uw rust, want  de Heere is goed voor u geweest. Ja, U, Heere, hebt mijn ziel immers gered van de dood, mijn ogen van tranen, mijn voet van struikelen. Ik zal wandelen voor het aangezicht van de Heere in de landen der levenden.
Psalm 116:1-9

Het was zó mooi om dit gezin te zien: hun liefde voor God en hun dankbaarheid is te zien in hun ogen en in hun daden. Rafael laat zelfs de hond ‘bidden’ voordat hij mag eten. Wat zou hij bidden eigenlijk? Heere, zegen deze brokken, amen?

Één van de dochters van Lydia en Rafael moest afgelopen oorlog meevechten in de Gaza. Zij was in het weekend even thuisgekomen en deelde haar ervaring over de gevechten. Lydia kwam me gisteren nog opzoeken en vertelde wat haar dochter had gedeeld: ‘Ze zongen, de soldaten, ze zongen. Hemelse liederen: tijdens de strijd en na de strijd. Ondanks alle verwildering en alle bommen voelde ze Gods aanwezigheid’.

Oh ja, weet je wat de naam “Rafael” in het Hebreeuws betekent? “Het is God Die geneest”. Het mooie aan de Hebreeuwse namen vind ik dat je de naam van iemand zegt, maar eigenlijk ook meteen de betekenis noemt. Mijn naam, Eline, betekent “Jahweh is mijn God”. Als je mij in het Hebreeuws zou roepen dan zeg je dus eigenlijk “Jahweh is mijn God, kom eens hier”. De naam Jacob betekent bedrieger, maar God veranderde Jacobs naam in Israël wat “Hij, die overwint met God” betekent. Best een mooie, profetische naam voor het volk van God, toch?

Eline (22) besloot haar werk als docent achter zich te laten en voor drie maanden naar Israël te gaan. Daar blogt ze elke week voor isreality.nl over bijzondere ontmoetingen, het leven in Jeruzalem en verrassende ontdekkingen. 

Isreality.